FIOD mag gefilterde laptop van verdachte inzien: verschoningsrecht geheimhoudersinformatie is voldoende gewaarborgd

17 februari 2026

Als de FIOD informatie bij de verdachte in beslag neemt, dan is het mogelijk dat zich hiertussen geheimhoudersinformatie bevindt. Het verschoningsrecht moet gewaarborgd blijven. Hierover is de laatste tijd veel te doen geweest, o.a. door de verschillende procedures die hierover zijn gevoerd. In één van die procedures oordeelde Rechtbank Amsterdam over een door de FIOD in beslag genomen laptop van de verdachte [1].

Inbeslagneming door de FIOD

In deze zaak heeft de FIOD een doorzoeking gedaan bij een verdachte, wegens verdenking van passieve niet-ambtelijke omkoping en belastingfraude. Bij die doorzoeking is een laptop in beslag genomen. Hierbij is aangegeven dat op de laptop geheimhoudersinformatie staat. De officier van justitie heeft bij de rechter-commissaris een vordering ingediend om onderzoek te doen naar verschoningsrechtigde informatie op de laptop. 

De rechter-commissaris heeft vervolgens de advocaten gemaild met de mededeling dat een geheimhoudersfunctionaris van de FIOD een filtering van de stukken op de laptop toe te passen. Er is gevraagd om contactgegevens van geheimhouders, zodat die informatie kan worden gefilterd. Daarnaast is ook door de advocaten opgemerkt dat zij de verdachte bijstaan in een fiscale procedure en dat hij op zijn laptop diverse stukken heeft opgeteld, die van belang zijn voor de fiscale procedure. Die vallen ook onder het verschoningsrecht, zo stellen de advocaten. Voor hen was niet duidelijk of de stukken die zien op de fiscale procedure ook zijn gefilterd en niet aan het onderzoeksteam ter beschikking worden gesteld. Daarom is een klaagschrift ingediend.

Beslissing van de rechter-commissaris

De rechter-commissaris oordeelt dat aan de hand van de door de advocaten verstrekte zoektermen een lijst is opgesteld en aan de geheimhoudersfunctionaris is toegestuurd. De geheimhoudersfunctionaris heeft in overleg met de rechter-commissaris de zoektermenlijst aangepast ten behoeve van de werkbaarheid. 

De gefilterde data is aangemerkt als mogelijk verschoningsgerechtigd materiaal en niet toegankelijk voor het onderzoeksteam. Op de gefilterde data is een steekproef toegepast door de rechter-commissaris en een senior gerechtsjurist. Hierbij is bijzondere aandacht besteed aan de documenten die het fiscale onderzoek zouden raken. Als de zoektermen die informatie hebben geraakt, zijn ze gelabeld als verschoningsgerechtigd materiaal. Zo niet, dan is het in beginsel niet aangemerkt als verschoningsgerechtigd materiaal. 

Ook de wijze van selectie van gegevens kan onderdeel zijn van het beklag, waarop de rechtbank moet oordelen of het verschoningsrecht is gewaarborgd

De rechter-commissaris heeft de advocaten in de gelegenheid gesteld te reageren op de wijze waarop de bestanden worden gefilterd. De advocaten hebben geen zienswijzen ingediend. 

Het oordeel van de rechter-commissaris luidt dat met de doorlopen procedure is gewaarborgd dat redelijkerwijs niet te verwachten valt dat de informatie nog geheimhoudersinformatie bevat. 

Klaagschrift advocaten: geen goede fltering geheimhoudersinformatie

In het klaagschrift wijzen de klagers op het arrest van de Hoge Raad van 18 februari 2025 [2], dat het verschoningsrecht niet zo zwart-wit is dat dit kan worden beperkt tot zoekwoorden. Het gaat om alles wat aan aan advocaat is toevertrouwd in het kader van de dienstverlening. De advocaten merken op dat blijkbaar niet alle documenten zijn uitgesloten, nu niet op ieder document de naam van kantoor staat. Ook is niet duidelijk welke documenten wel en welke niet zijn uitgesloten.

In de raadkamer is nog toegelicht dat ‘er concrete stukken op de laptop staan’ die ‘onder het verschoningsrecht vallen maar (mogelijk) niet zijn uitgefilterd’. Het gaat erom dat de verdachte stukken heeft opgesteld op verzoek van of ten behoeve van zijn advocaten, ter bijstand in de fiscale procedure. Dit is er mogelijk niet uitgefilterd.

Oordeel rechtbank: wijze filtering geheimhouderstukken

De rechtbank beoordeelt allereerst de ontvankelijkheid van het klaagschrift. Daarna schetst de rechtbank het kader voor een beroep op het verschoningsrecht:

  1. Een geheimhouder kan zich op zijn verschoningsrecht beroepen (art. 218 Sv). Het verschoningsrecht ziet op de wetenschap die rechtstreeks verband houdt met de taakuitoefening van de verschoningsgerechtigde [3].
  2. Algemeen uitgangspunt is dat het niet van belang is waar de verschoningsrechtsgerechtigde informatie zich bevindt [4].
  3. Het is aan de rechter-commissaris om te beslissen over het beroep op het verschoningsrecht. Uitgangspunt is dat de verschoningsgerechtigde in staat wordt gesteld zich hierover uit te laten. Dat standpunt moet worden geëerbiedigd, tenzij er redelijkerwijs geen twijfel over kan bestaan dat dit standpunt onjuist is. 
  4. Het beklag (art. 98, lid 4 en 552a Sv) is in beginsel gericht tegen de beschikking van de rechter-commissaris over de inbeslagneming dan wel vastlegging/kennisneming van de stukken. In geval selectie noodzakelijk is, kan de manier waarop de selectie heeft plaatsgevonden ook in de beoordeling van het beklag worden betrokken. 

 

In deze zaak gaat het om een selectie van informatie op een laptop. De rechtbank is van oordeel dat conform het arrest uit 2025, met inachtneming van het arrest uit 2024 en de ‘werkwijze filtering digitaal verschoningsgerechtigd materiaal’ voldoende is gewaarborgd dat het verschoningsrecht niet wordt geschonden. Er bestaat geen grond voor nadere filtering door de rechter-commissaris. 

Oordeel rechtbank: (nog) niet aan advocaat verstrekte stukken

Ten aanzien van informatie die door de verdachte is opgesteld maar (nog) niet met de advocaten was gedeeld, overweegt de rechtbank het volgende.

Stukken die nog niet aan een advocaat zijn gestuurd, kunnen in uitzonderingsgevallen onderdeel uitmaken van het verschoningsrecht. “Daarvoor is van belang of op grond van in aanmerking komende feiten of omstandigheden aannemelijk is dat de inhoud van die stukken daadwerkelijk bestemd is om door de cliënt aan de advocaat in de uitoefening van zijn beroep te worden toevertrouwd.” De rechtbank overweegt dat de rechter-commissaris kennelijk en niet onbegrijpelijk van oordeel is dat de stukken die niet aan de advocaten zijn gestuurd en die niet door de filtering zijn geraakt, niet onder het verschoningsrecht vallen.

De verdachte heeft zijn laptop teruggekregen. Daarmee konden de advocaten concreet maken welke bestanden volgens hen ten behoeve van de bijstand in de fiscale procedure zijn opgesteld, maar nog niet aan hen waren toegestuurd, maar toch onder het verschoningsrecht vallen. Dat is niet gebeurd. Er is alleen aangevoerd dat ‘er concrete stukken’ op de laptop staan. 

Afrondend

De rechtbank is van oordeel dat het verschoningsrecht voldoende is gewaarborgd. Er bestaat geen aanleiding voor nadere filtering door de rechter-commissaris. Het beklag is daarom ongegrond.

———————————————

[1] Rechtbank Amsterdam 27 januari 2026, ECLI:NL:RBAMS:2026:1071 (gepubliceerd op 10 februari 2026).

[2] Hoge Raad 18 februari 2025, ECLI:NL:HR:2025:302.

[3] Hoge Raad 12 maart 2024, ECLI:NL:HR:2024:375.

[4] Hoge Raad 12 maart 2024, ECLI:NL:HR:2024:375.

Door deze website te gebruiken, ga je akkoord met het gebruik van cookies. Cookies worden gebruikt om jou een goede ervaring te bieden en de website effectief te laten werken.