Rechter moet motiveren waarom hij verzoek om uitstel van zitting afwijst
ANNOTATIE NTFR 2023/493 en NTFR 2023/494
28 maart 2023
Uitstel van zitting krijgen? Dat kan, als er tijdig en gemotiveerd een verzoek aan de rechter wordt gestuurd waarom om uitstel van zitting wordt verzocht. Dat volgt uit twee arresten van de Hoge Raad van 24 maart 2023.
Planning van een fiscale zitting
Voor het plannen van een zitting moeten meerdere betrokkenen de zogeheten ‘agenda’s trekken’, omdat er een datum moet worden gezocht (en gevonden) waarop de behandeling van de zaak kan plaatsvinden. Veelal zullen hierbij de belastingplichtige en mogelijk diens gemachtigde en de inspecteur van de Belastingdienst aanwezig zijn. Voorts moet de zitting worden gepland bij de Rechtbank of het Gerechtshof, waarbij wordt gelet op hoeveel tijd nodig is voor de behandeling van de zaak. Kortom, dit vergt allemaal de nodige planning.
Verzoek uitstel zitting?
Het kan voorkomen dat een zitting zonder voorafgaande afstemming wordt ingepland. Het kan ook voorkomen dat een andere omstandigheid maakt dat een eerdere beschikbare datum niet langer beschikbaar is. De belastingplichtige of diens gemachtigde, of de inspecteur, kan dan een uitstelverzoek voor de zitting sturen aan de rechter, onder opgaaf van redenen. Als wordt verzocht om de zitting uit te stellen, moet dit wel gemotiveerd gebeuren. Uit de rechtspraak volgt dat de reden ‘vakantie’ niet als geldige reden wordt gezien.
Uitstelverzoek inwilligen, tenzij zwaarderwegende belangen
De rechter die de zaak behandelt kan niet zo maar aan een verzoek om uitstel van de zitting voorbijgaan. Dat blijkt uit het arrest van de Hoge Raad uit maart 2023. De Hoge Raad heeft geoordeeld dat bij een uitstelverzoek door diegene die verzoekt om uitstel ’tijdig en onder aanvoering van gewichtige redenen’ moet worden aangegeven waarom uitstel van zitting nodig is. Het uitgangspunt is dat de rechter dit verzoek inwilligt, tenzij er zwaarder wegende belangen zijn die aan dit uitstel in de weg staan.
Tot slot
Mijn bevindingen over dit arrest zijn terug te vinden in de annotatie voor het Nederlands Tijdschrift voor Fiscaal Recht.
Meer weten?
De annotatie bij het arrest van de Hoge Raad van 24 maart 2023, ECLI:NL:HR:2023:358 en ECLI:NL:HR:2023:439 is te vinden via: NTFR 2023/493 (en NTFR 2023/494).


