Hoe hoog is de proceskostenvergoeding bij een telefonisch hoorgesprek in de bezwaarfase?

31 maart 2026

Als het bezwaar en/of beroep van een belastingplichtige gegrond wordt verklaard, bestaat er recht op een forfaitaire proceskostenvergoeding. In dit geval betrof het geschil de proceskostenvergoeding, meer specifiek de vergoeding voor het telefonische hoorgesprek.  Rechtbank Den Haag oordeelt hierover op 27 januari 2026 [1].

De feiten in de zaak

Het gaat in deze zaak over de WOZ-waarde van een woning van de belastingplichtige. De adviseur had namens deze client en 17 andere cliënten bezwaarschriften ingediend. Tijdens het telefonische hoorgesprek zijn alle 18 bezwaarschriften behandeld.

Bij uitspraak op bezwaar heeft de inspecteur de aanslag verminderd. Voor de proceskostenvergoeding heeft de inspecteur 1 punt toegekend voor het indienen van het bezwaarschrift en 0,5 punt voor het bijwonen van de hoorzitting.

In beroep is in geschil of de inspecteur de proceskostenvergoeding voor de telefonische hoorzitting mocht vaststellen op 0,5.

De proceskostenvergoeding

In het Besluit proceskosten bestuursrecht is opgenomen dat een proceskostenvergoeding kan volgen voor o.a. ‘kosten van door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand’ (art. 1, sub a Bpb). Op grond van de Bijlage  bij bet Besluit proceskosten rechtsbijstand wordt 1 punt toegekend voor het indienen van een bezwaar/beroepschrift en 1 punt voor het verschijnen op de hoorzitting (punt A5. Bijlage). 

De proceskostenvergoeding voor het telefonisch horen in de bezwaarfase: 0,5 of 1 punt op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht?

Oordeel van de rechtbank

Bijzonder is dat in dit hoorgesprek niet 1, maar 18 bezwaarschriften zijn behandeld.  De vraag is dan of dit bijzondere omstandigheden zijn, waardoor de forfaitaire regeling onrechtvaardig kan uitpakken. Volgens de inspecteur is daarvan sprake. Daarbij wordt verwezen naar andere rechtspraak. waarin de rechtbank goedkeurde dat voor het telefonisch horen 0,5 punt werd toegekend [2]. In beroep verwijst de inspecteur ook nog naar andere rechtspraak, waarin voor de indiening van een bezwaarschrift tegen een naheffingsaanslag parkeerbelasting een wegingsfactor van 0,25 werd gehanteerd [3].

De rechtbank overweegt dat vaststaat dat een telefonisch hoorgesprek heeft plaatsgevonden. Wil de inspecteur de forfaitaire proceskostenvergoeding matigen, dan rust op hem de bewijslast. Met hetgeen door de inspecteur is gesteld, is onvoldoende gebleken waarom zou moeten worden gematigd. Het enkele verwijzen naar een uitspraak is onvoldoende en vormt een motiveringsgebrek. Gelet daarop moet voor de proceskostenvergoeding voor het telefonische horen worden uitgegaan van 1 punt.

Afrondend

Tijdens het beroep zijn alle 18 beroepen tegelijkertijd behandeld, waarbij bij alle zaken het punt aan de orde was of voor het telefonisch horen 0,5 of 1 punt moest worden toegekend. Omdat het gaat om 4 of meer samenhangende zaken, kent de rechtbank een wegingsfactor toe van 1,5. Omdat het gaat om de Wet WOZ is verder factor 0,1 van toepassing. Op deze manier berekent de rechtbank de proceskostenvergoeding in beroep.

———————————————

[1] Rechtbank Den Haag 27 januari 2026, ECLI:NL:RBDHA:2026:4877 (gepubliceerd op 19 maart 2026).

[2] Rechtbank Noord-Holland 2 december 2022, ECLI:NL:RBNHO:2022:12577.

[3] Rechtbank Noord-Holland 3 april 2024, ECLI:NL:RBNHO:2024:3995.

Door deze website te gebruiken, ga je akkoord met het gebruik van cookies. Cookies worden gebruikt om jou een goede ervaring te bieden en de website effectief te laten werken.